De ene fiscale werkzaamheid is de andere niet

De ene fiscale werkzaamheid is de andere niet
Advocatuur 16 mei 2024

Voor het Balie Bulletin Oost-Brabant van maart 2024 schreef Debbie Liem een bijdrage. Daarin staat zij stil bij de omvang van een opdracht in een zaak waarin een accountantskantoor aansprakelijk werd gesteld voor het niet tijdig indienen van een bezwaarschrift. Hieronder kunt u haar bijdrage lezen:

 

Het verzorgen van een belastingaangifte dient in beroepsaansprakelijkheidszaken niet te worden vereenzelvigd met andere werkzaamheden van fiscale aard, zoals het voeren van fiscale procedures en advisering over de structuur of de optimalisatie van de fiscale positie. Dit kan worden verduidelijkt aan de hand van het vonnis van 10 januari 2024 van Rechtbank Noord-Holland (ECLI:NL:RBNHO:2024:53).

Waarover gaat deze zaak?

Een accountantskantoor zal voor een klant de jaarrekeningen samenstellen en de aangiften verzorgen, nadat de klant een machtiging daartoe had getekend. Enkele weken na aanvang van de klantrelatie ontvangt de klant van de belastingdienst een schuldenoverzicht waarop ook een naheffingsaanslag is vermeld met dagtekening 26 oktober 2017. Daarover start in de eerste helft van november 2017 een e-mailwisseling tussen de bestuurder van de klant, zijn huisadvocaat en de accountant. Na het einde van de bezwaartermijn maakt de accountant bezwaar tegen de naheffingsaanslag. Dit doet hij op 27 december 2017 per e-mail en enige tijd later ook per post. De belastingdienst verklaart het bezwaar niet-ontvankelijk vanwege de niet tijdige indiening.

Oordeel rechtbank

De vraag is of de niet tijdige indiening van het bezwaarschrift als beroepsfout kwalificeert. Allereerst buigt de rechtbank zich over de vraag of het maken van bezwaar behoort tot de overeengekomen opdracht. De rechtbank neemt in ogenschouw dat het gaat om een accountant. De rechtbank is het niet eens met de stelling dat een accountant juist wordt ingeschakeld om fiscale zaken te regelen. De rechtbank overweegt dat het werk van een accountant wezenlijk verschilt van een fiscalist waarbij ook heel andere beroepskwalificaties gelden.

 

Vervolgens beoordeelt de rechtbank het e-mailverkeer. De rechtbank neemt in aanmerking dat de klant onderdeel uitmaakt van een grote onderneming met veel werkmaatschappijen. Het lag op de weg van de bestuurders, als ervaren ondernemers, om de regie in handen te houden, de zaken te coördineren en duidelijk te communiceren welke opdrachtnemer welke taken zou moeten uitvoeren. De rechtbank is van oordeel dat een e-mailbericht van 15 december 2017 kan worden aangemerkt als een verzoek tot het maken van bezwaar. Omdat 15 december 2017 buiten de bezwaartermijn ligt, is het niet aan de accountant te wijten dat niet tijdig bezwaar is gemaakt.

Noot

Dit vonnis illustreert hoe de omvang van de opdracht én de hoedanigheid van zowel de opdrachtnemer als de opdrachtgever een rol kunnen spelen bij de invulling van de zorgplicht. Dat een accountant als onderdeel van zijn dienstverlening ook eenvoudige werkzaamheden verricht op fiscaal terrein, betekent volgens de rechtbank niet dat de klant ervan uit mag gaan dat het maken van bezwaar tot het takenpakket van die accountant behoort. Hoewel de rechtbank hieraan geen expliciete overweging wijdt, is de rechtbank kennelijk van oordeel dat het verzorgen van de belastingaangiften niet de opdracht omvat om bezwaar te maken tegen aanslagen. Dat lijkt mij terecht.

 

In deze zaak is sprake van een accountant en van een naheffingsaanslag die (naar ik aanneem gelet op het tijdsverloop tussen de in het vonnis weergegeven feiten) voortvloeit uit een aangiftetijdvak waarvoor het kantoor niet verantwoordelijk is. Maar zelfs indien sprake zou zijn van een belastingadviseur (of een administratiekantoor) en van een aangiftetijdvak dat wel onder de verantwoordelijkheid van het kantoor valt, meen ik dat in beginsel niet zomaar mag worden verwacht dat bezwaar wordt gemaakt tegen aanslagen, als alleen is afgesproken dat de aangiften worden verzorgd. Dat zal mogelijk anders zijn, als de aanslag - vanwege een foutieve administratieve verwerking - afwijkt van de aangifte die het kantoor heeft ingediend.  

 

In beroepsaansprakelijkheidszaken wijst de (ex-)klant er nogal eens op dat het verzorgen van belastingaangiften werkzaamheden van fiscale aard zijn. Vervolgens wordt betoogd dat het op de weg van het kantoor had gelegen dan ook spontaan te adviseren over allerhande fiscale onderwerpen waaronder het nemen van belastingbesparende maatregelen (zoals het verbreken van een fiscale eenheid). Hoewel het verzorgen van een belastingaangifte een werkzaamheid van fiscale aard is, is dat een werkzaamheid van een geheel andere aard dan fiscale procesvoering of advisering. Het indienen van een belastingaangifte is voor een groot deel van de bevolking een verplichte handeling en komt neer op het beantwoorden / invullen van vragen over de fiscale status quo, zodat de belastingdienst een aanslag kan formaliseren. Indien de opdracht bestaat uit het verzorgen van belastingaangiften, strekt het te ver om daaronder ook allerlei andere meer intensieve werkzaamheden van fiscale aard te scharen, zoals het procederen tegen de fiscus of het geven van advies over belastingoptimalisatie in een structuur. De ene fiscale werkzaamheid is immers de andere niet…

 

Bron: Balie Bulletin Oost-Brabant maart 2024

 

Auteur: Debbie Liem

Terug

Neem contact op

Heeft u vragen naar aanleiding van dit artikel of wenst u meer informatie over een van onze diensten? Neem vrijblijvend contact met ons op!

Neem contact op